De Grietjes van nu: Marlene Bakker

De Grietjes van nu: Marlene Bakker

08-11-2019


De Grietjes van nu

Graanjenever van Hooghoudt is begonnen bij Grietje Hooghoudt-Boer. Samen met haar man Hero Jan, startte ze in 1888 een eigen praktijk in een keldertje in de Oosterstraat in Groningen. Hier bereidden ze likeuren en regionale dranken. Als Hero Jan aan een longontsteking overlijdt, zet Grietje na tien jaar het bedrijf voort.

Grietje was fenomenaal in haar bedrijfsvoering en ambitie: ‘Er is in de wereld altijd wel iemand die dingen een beetje slechter kan maken en het daardoor dan iets goedkoper kan verkopen’, aldus Grietje. Ze krijgt al snel de bijnaam ‘de timmerman’. Het bedrijf blijft namelijk uit de voegen springen en Grietje trekt van pand naar pand. Aan het begin van de jaren twintig destilleert Grietje de eerste jenever, De oude klare. Het was een fleurige tijd en Hooghoudt weet zich goed te presenteren in de nog steeds herkenbare reclameborden.

Onlangs werd Grietje, in het teken van de viering van het 100 jaar vrouwenkiesrecht, toegevoegd aan het register van Groninger topvrouwen. Voordat we 100 jaar moet wachten zocht Yvonne Zeegers de Groninger topvrouwen van 2019 alvast op. Wat zijn hun inspiratiebronnen en ambities? 

 

"je merkt dat er iets bijzonders gebeurt wanneer je in het Gronings zingt"

Leestijd: 6 minuten

Vorig jaar bracht singer/songwriter Marlene Bakker haar debuutalbum RAIF uit. Volledig in het Gronings, en geproduceerd onder haar eigen label RAIF Records. Reden genoeg om haar eens aan de tand te voelen over deze bijzondere keuzes.

In een maatschappij waarbij de trend eerder geneigd is om te verengelsen, koos je ervoor om te gaan zingen in het Gronings, vanwaar deze keuze?

“Het zat altijd in mijn achterhoofd om in het Gronings te gaan zingen, maar het idee groeide pas echt toen ik een tijdje in Brabant had gewoond. Ik kreeg zo’n heimwee naar Groningen en begon naar Ede Staal te luisteren. Die teksten kwamen ontzettend binnen. Ik begreep opeens waarover hij zong en dacht -wauw- misschien kan ik ook wel in het Gronings gaan zingen.”

Marlene is opgegroeid in Smeerling wat in Oost-Groningen ligt, een naar eigen zeggen klein paradijsje in Westerwolde met enorm veel historie én een grote inspiratiebron voor haar album. Haar ouders spraken Gronings met elkaar, maar besloten hun kinderen in het Nederlands op te voeden. Na de middelbare school ging ze naar de Rockacademie in Tilburg, waar Marlene aanvankelijk liedjes in het Engels schreef. In Brabant, waar de mensen nog nooit van ‘sloffe’ koekjes hadden gehoord, werd de heimwee uiteindelijk zo groot dat Marlene besloot om terug te gaan naar Groningen.

“Ik ben me toen gaan verdiepen in het Gronings, en cursussen gaan volgen bij ‘t Huis van de Groninger cultuur. Die grammatica, daar had ik geen idee van. Dat voelde echt alsof je Chinees aan het leren bent. Het is alsof je eerst een enorme afstand voelt en die afstand weer moet overbruggen met zo’n cursus.”

Die afstand die Marlene twee keer heeft moeten overbruggen - van Brabant terug naar Groningen en vanuit het Nederlands/Engels naar het Gronings -  bracht haar dichter bij zichzelf en haar muziek. Het is onderdeel van haar werkwijze geworden.

“Ik merkte dat ik heel anders ging schrijven dan in het Engels, en dat het echt ergens over begon te gaan. In het Engels klinkt alles vrij snel heel stoer en tof en zing je sneller dingen als ‘baby I love you’. In het Gronings deed ik dat echt anders, ik had op een gegeven moment een liedje geschreven waarin ik ‘ik hol van die’ zong. En ik weet nog heel goed dat ik met mijn gitarist aan de keukentafel aan het oefenen was en heel erg moest lachen, dat kreeg ik gewoon mijn bek niet uit. Ik hol van die, dat zeg je niet zo snel. Je hebt dat dus bij jezelf, maar ook bij het publiek, je merkt dat er iets bijzonders gebeurt wanneer je in het Gronings zingt. Je gaat aandachtiger luisteren, en er zit veel herkenning in van mensen die het weleens via hun opa of oma hebben gehoord.”

Ze laat zien dat een streektaal niet boers is, maar ook juist zacht, sierlijk en poëtisch kan zijn. En één van de grootste bijkomstigheden van muziek en kunst is dit effect, dat ons beter doet beseffen dat een taal het waard is om te behouden. In de culturele sector denken we allemaal te weten waar we moeten zijn, en dat is vaker richting randstad dan het Noorden. Best een dappere keuze om als muzikant te kiezen voor het Groningse en deze omgeving als inspiratiebron te nemen. Toch voelt Marlene zich geen Calimero:

 “Ik ben heel trots op mijn roots. En ik vind het heel jammer wanneer we in de media worden weggezet als een wingewest. En dat dat heel zielig is, we hebben hier zoveel ruimte en toffe initiatieven. Op cultureel gebied gebeurt er veel, en we hebben hier echt nog die oude streken met prachtige boerderijen en borgen. Ik zie hier juist veel rijkdom. Het is dat de NAM zoveel loopt te verprutsen voor de inwoners van het aardbevingsgebied. Die mensen zijn gewoon enorm de sjaak, daar kan ik me wel erg over opwinden. Absoluut.”

Fotograaf Erikjan, een echte Fries, valt in. Zing je ook over de NAM?

“Mijn eerste single Loat Grunnen nait zakken was een aardbevingslied. De tekst van het nummer is geschreven door dichter Hanne Wilzing uit Oost-Groningen, via een bevriende muzikant kwam deze bij mij terecht, met de vraag of ik het wilde zingen. Zo kwam ik ook gitarist Bernard Gepken tegen, die het heeft ingespeeld op gitaar. En met hem heb ik uiteindelijk veel liedjes voor mijn album geschreven. Ik vond de tekst heel mooi, dus heb ja gezegd, het is alleen niet mijn ambitie om protestzanger te worden of dit thema steeds op te rakelen. Ik wil mensen gewoon mooie dingen laten zien en horen. Ik denk dat je daar ook veel meer mee bereikt in de rest van het land.”

In de rest van het land werd haar album overigens goed ontvangen. Op de vraag of ze ook vreemde kritiek op het Gronings heeft gekregen antwoordt Marlene:

“Veel mensen denken dat doordat je in een andere provincie speelt je ook hele andere reacties krijgt, maar dat was eigenlijk niet zo. Want of mensen het nu verstaan of niet, het komt wel binnen en het raakt ze. Ik heb weleens op Noorderzon gespeeld en dat vrienden van mij dan in het publiek stonden en de reacties aan het peilen waren en dat mensen niet wisten wat voor taal het was. Dat ze er dan pas later achter kwamen dat het Gronings was. Die hebben zo onbevangen staan luisteren dat ze dachten dat ik uit Zweden kwam en dat soort reacties heb ik wel vaker. Scandinavisch of Keltisch ofzo. Het Gronings is een Nedersaksische streektaal, deze taal is veel ouder dan het Nederlands dus logisch dat het publiek soms denkt dat het een andere taal is.”

Grappig is juist dat het commentaar dat ze soms wel krijgt, van de doordrongen, vaak iets oudere Groninger zelf komt. Dan krijgt ze te horen dat haar Gronings geen Gronings is, een beschuldiging om erg onzeker van te worden. Gelukkig heeft Marlene genoeg nuchterheid van haar grond meegekregen.  

“Er zijn wel acht varianten van het Gronings en bovendien is taal een levend ding, dus als je wilt dat zoiets voort blijft bestaan zal je er misschien ook wat guller tegenover moeten staan. Als je mensen veroordeelt dan maak je ze ook monddood en dan sterft je taal misschien wel uit bij jouw generatie.  Dat vond ik in het begin wel moeilijk. Dan merk je toch dat taal zo’n emotioneel ding is. Hetzelfde geldt voor die verengelsing, die veranderingen hou je toch niet tegen. Uiteindelijk moet je gewoon je eigen plan trekken. En een beetje een dikke huid kweken en ervoor gaan, doorgaan met wat je zelf mooi vindt. Maar het is weleens lastig geweest.”

Misschien dat ze daarom koos voor de krachtige titel RAIF. Raif betekent gereedschap en op de gelijkgenaamde titelsong zingt ze “Elkenain het zien raif, elkenain het zien tied”, iedereen heeft zijn eigen tijd en zijn eigen gereedschap om daar iets mee te doen.  Haar vader was restaurateur, zijn gereedschap waren zijn handen. Dat van Marlene haar stem en haar schrijfkunsten. Dat is de rode draad van haar album. Zo speelt ze met haar afkomst en maakt ze zich het Gronings, dat ook tijdgebonden is, eigen. Het is zoals ze het zelf noemt best een interessant strijdje. Aan de ene kant is het behoudend, aan de andere kant wordt er iets doorgegeven. Je houdt de taal in leven.

Een taal doen (op)leven, een strak idee van een album, en dat ook nog uitbrengen onder een eigen label. Marlene geeft toe: “Ik kan wel koppig en eigenzinnig zijn, én een controlfreak. Als ik naar mijn eigen platenkast kijk dan staan er wel allemaal muzikanten in die compleet hun eigen ding doen. Bijvoorbeeld de Amerikaanse zangeres Ani DiFranco. Zij is op haar vijftiende muziek gaan maken en heeft inmiddels meer dan twintig albums uitgebracht. Allemaal onder haar eigen label, ze heeft altijd alles zelf gedaan. Dat vond ik zo stoer. Ik had er ook helemaal geen zin in, dat ik dan al mijn tijd, energie en geld uit handen geef en dat er dan een of andere platenmaatschappij een stempel opzet en er vervolgens niks meer mee gebeurt. Dat heb ik zoveel gezien bij anderen en ik dacht alleen maar ‘dat gaat mij niet gebeuren’ dan kan ik het beter zelf doen.”

Meteen daarna doet ze haar keuze even kort af als ‘maar een nummertje bij de kvk’. Maar het blijft volgens Marlene fijn om de touwtjes in handen te hebben. Zo kon ze te allen tijde de kwaliteit van de productie bewaken.

“Het was soms best eenzaam en zwaar, maar ik heb gelukkig hele fijne bandleden en het ik heb veel met Bernard kunnen overleggen. Het was ook echt leuk om zo persoonlijk contact met iedereen te hebben. Ook met de winkels bijvoorbeeld.”

Met Bernard besloot ze om geen concessies omwille van de kwaliteit te doen. Een album uitbrengen en achteraf spijt hebben omdat je geld wilde besparen, dat zal haar niet gebeuren. Het gehele proces smaakte zo naar meer, dat er inmiddels weer nieuwe liedjes op de plank liggen. Daar moeten nog een paar bij en dan gaan Marlene en Bernard hopelijk begin volgend jaar weer de studio in.

“Raif is zo’n goede basis waarop we verder kunnen. We willen gewoon kwaliteit blijven leveren en hopen dat het zich als een olievlek verder beweegt.”

We concluderen dat we blij zijn dat Marlene heeft gekozen om naar haar verlangen terug te keren heeft geluisterd, en daardoor dit album heeft kunnen maken. Wat volgens Marlene het mooiste Gronings is? “Oet tied kommen vind ik prachtig, dat betekent dat er iemand uit de tijd gevallen is, overleden zeg maar”, maar ook het vrolijker ‘slikkerij’ wat snoep betekent, valt in de smaak.

Tekst: Yvonne Zeegers
Beeld: Erikjan Koopmans